Het Ottomaanse Rijk bestond ruim zes eeuwen, van rond 1299 tot 1922. Op zijn hoogtepunt strekte het zich uit over drie continenten, van de Balkan tot Arabië en van Noord-Afrika tot de Kaukasus. Voor moslims is het rijk vooral bekend als de laatste grote dynastie die de titel kalief voerde en eeuwenlang over Mekka en Medina waakte. In dit artikel lees je hoe het rijk ontstond, wat het kalifaat inhield, hoe de heilige steden werden bestuurd en welk erfgoed er nog altijd zichtbaar is.
Dit artikel richt zich op de islamitische kant van die geschiedenis. Voor de politieke en militaire geschiedenis in volle breedte staan aan het eind een paar leessuggesties.
Hoe ontstond het Ottomaanse Rijk?
Het rijk begon klein. Aan het eind van de dertiende eeuw was Anatolië verdeeld in een reeks Turkse vorstendommen, de beyliks. Eén daarvan lag in het noordwesten, aan de grens met het Byzantijnse Rijk, en werd geleid door Osman. Naar hem is de dynastie genoemd: Osmanlı in het Turks, Ottomaans in het Nederlands. Daarom zie je ook de naam Osmaanse Rijk.
Rond 1299 geldt als het begin van het rijk. Osmans zoon Orhan veroverde in 1326 Bursa, dat de eerste hoofdstad werd. Daarna volgden gebieden op de Balkan, en Edirne werd de nieuwe hoofdstad aan de Europese kant.
Het keerpunt kwam op 29 mei 1453. Sultan Mehmed II, later bekend als Fatih (de Veroveraar), nam Constantinopel in. De stad werd onder de naam Istanbul de hoofdstad van het rijk, en bleef dat tot het einde. De Aya Sofya werd een moskee.
Wist je dat? Een veelgeciteerde overlevering voorspelt dat Constantinopel zal worden ingenomen en prijst de aanvoerder en het leger die dat doen. Deze overlevering staat in de Musnad van Imam Ahmad. Over de sterkte van de keten verschillen hadithgeleerden van mening, maar in de Ottomaanse tijd werd ze veel aangehaald.
Het hoogtepunt: Selim I en Süleyman
In 1517 versloeg sultan Selim I de Mamelukken in Egypte. Daarmee kwamen ook de Hejaz, met Mekka en Medina, onder Ottomaans gezag. Selim nam de titel Khadim al-Haramayn al-Sharifayn aan, "dienaar van de twee edele heiligdommen". Die titel zegt veel over hoe de sultans hun rol zagen: niet als eigenaar, maar als dienaar.
Zijn zoon Süleyman regeerde van 1520 tot 1566, langer dan elke andere sultan. In Europa heet hij de Prachtlievende. In de Turkse en islamitische traditie heet hij Kanuni, de Wetgever, omdat hij het bestuursrecht (kanun) van het rijk ordende, naast de sharia die de rechters toepasten. Onder zijn bewind bereikte het rijk een grote omvang en bloeiden architectuur, recht en geleerdheid.
Wat hield het Ottomaanse kalifaat in?
De kalief is in de soennitische traditie de leider van de moslimgemeenschap, als opvolger in het bestuur van de Profeet Mohammed ﷺ. Na de vier rechtgeleide kaliefen ging de titel over op de Umayyaden en de Abbasiden. Na de verwoesting van Bagdad in 1258 leefde een Abbasidische kaliflijn nog voort in Caïro, met vooral symbolische betekenis.
Na de verovering van Egypte in 1517 kwam de titel in Ottomaanse handen. Hoe die overdracht precies verliep, is onder historici niet helemaal duidelijk. Vast staat dat de Ottomaanse sultans zich steeds nadrukkelijker als kalief presenteerden, vooral in de negentiende eeuw onder sultan Abdülhamid II. Voor veel moslims buiten het rijk, van India tot Noord-Afrika, gold de sultan in Istanbul toen als het symbolische middelpunt van de oemma.
Op 3 maart 1924 werd het kalifaat officieel afgeschaft door het parlement van de jonge Turkse Republiek. Abdülmecid II was de laatste kalief. Sindsdien is er geen algemeen erkend kalifaat meer.
Mekka en Medina onder de Ottomanen
Vier eeuwen lang, van 1517 tot het einde van de Eerste Wereldoorlog, was het beheer van de heilige steden een van de belangrijkste taken van het rijk.
- De surre-karavaan. Elk jaar vertrok vanuit Istanbul een officiële karavaan naar Mekka en Medina, de Surre-i Hümayun. Hij bracht geld, geschenken en voorzieningen voor de bewoners van de heilige steden en voor de pelgrims.
- Veiligheid op de pelgrimsroutes. Langs de routes naar de Hejaz bouwden de Ottomanen forten en waterposten, zodat de pelgrimskaravanen vanuit Damascus en Caïro veilig konden reizen.
- Herbouw van de Ka'ba. Na een grote overstroming in 1630 werd de Ka'ba onder sultan Murad IV grotendeels herbouwd. De Ka'ba die pelgrims vandaag zien, gaat in de basis terug op die herbouw.
- De Masjid an-Nabawi. De moskee van de Profeet ﷺ in Medina werd in de negentiende eeuw onder sultan Abdülmecid ingrijpend verbouwd. Delen van die Ottomaanse bouw, met hun koepels en kalligrafie, zijn in de huidige moskee nog te zien.
De Hejaz-spoorlijn
Aan het begin van de twintigste eeuw liet sultan Abdülhamid II een spoorlijn aanleggen van Damascus naar Medina. Het doel was de reis voor pelgrims korter en veiliger te maken. De aanleg werd voor een belangrijk deel betaald uit giften van moslims uit de hele wereld. In 1908 reed de eerste trein Medina binnen. Een reis die met de karavaan meer dan een maand duurde, kon nu in enkele dagen.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd de lijn zwaar beschadigd en hij is nooit meer volledig in gebruik genomen. Het oude station van Medina en delen van het tracé zijn er nog altijd.
De verdediging van Medina
Een van de bekendste episodes uit de laatste jaren is de verdediging van Medina onder Fahreddin Pasha. Hij hield de stad met zijn troepen van 1916 tot begin 1919 vast, ook nog na de wapenstilstand van eind 1918. In Turkije staat hij bekend als de "Tijger van de Woestijn". Zijn verhaal wordt verteld in Medine Müdafaası, een Turkstalig boek in romanvorm.
Het erfgoed dat bleef
Het rijk is verdwenen, maar veel van wat het voortbracht, wordt nog dagelijks gebruikt en bezocht.
Moskeeën van Mimar Sinan
Mimar Sinan (overleden 1588) was de hofarchitect van onder meer Süleyman. Hij ontwierp honderden gebouwen: moskeeën, madrasa's, badhuizen, bruggen en karavanserais. Zijn bekendste werken zijn de Süleymaniye-moskee in Istanbul, voltooid in 1557, en de Selimiye-moskee in Edirne, die hij zelf als zijn meesterwerk beschouwde. Zijn stijl, met een grote centrale koepel en slanke minaretten, bepaalt nog altijd hoe veel mensen zich een moskee voorstellen. Ook veel moskeeën in Nederland zijn erop geïnspireerd.
Koranschoonschrift
Istanbul werd een centrum van islamitische kalligrafie. Het gezegde luidt dat de Koran in Mekka werd geopenbaard, in Egypte werd gereciteerd en in Istanbul werd geschreven. De kalligraaf Hafiz Osman (1642 tot 1698) ontwikkelde een heldere vorm van het naskh-schrift voor de Koran. Zijn manier van schrijven werd eeuwenlang nagevolgd en heeft de vorm van veel gedrukte Korans beïnvloed. De Turkstalige uitgaven van de Koran die je in moskeeën en boekhandels ziet, staan grotendeels in die traditie.
Goed om te weten Ook de bladindeling die veel lezers kennen, met vaste pagina's per juz en een vers dat aan het eind van de pagina eindigt, wordt in de Turkse traditie veel gebruikt. Dat maakt het makkelijker om te memoriseren, omdat elke pagina een vaste plek heeft.
Waqf en zorg
Veel voorzieningen in Ottomaanse steden werden betaald uit een waqf, een religieuze stichting. Een gegoede schenker gaf bezit, en de opbrengst daarvan betaalde voor een moskee, een school, een gaarkeuken (imaret) of een fontein. Rond een grote moskee lag vaak een heel complex, de külliye, met onderwijs, zorg en voedsel voor armen en reizigers.
Het einde van het rijk
Vanaf de achttiende eeuw verloor het rijk terrein, in Europa, in Noord-Afrika en in de Kaukasus. In de negentiende eeuw volgden grote hervormingen, de Tanzimat, en een eerste grondwet. Na de Eerste Wereldoorlog, waarin het rijk aan de verliezende kant stond, viel het uiteen. Het sultanaat werd op 1 november 1922 afgeschaft, op 29 oktober 1923 werd de Republiek Turkije uitgeroepen, en in maart 1924 verdween ook het kalifaat.
De Arabische gebieden, waaronder de Hejaz, Syrië, Palestina en Irak, kwamen in andere handen. Daarmee eindigde een periode van vier eeuwen waarin een groot deel van de moslimwereld onder één bestuur stond.
Tijdlijn van het Ottomaanse Rijk
- rond 1299: Osman leidt een klein vorstendom in het noordwesten van Anatolië
- 1326: Bursa wordt veroverd en de eerste hoofdstad
- 1453: Mehmed II neemt Constantinopel in, dat als Istanbul de hoofdstad wordt
- 1517: Selim I verovert Egypte; Mekka en Medina komen onder Ottomaans gezag
- 1520 tot 1566: regering van Süleyman de Wetgever
- 1557: voltooiing van de Süleymaniye-moskee van Mimar Sinan
- 1630: herbouw van de Ka'ba onder Murad IV, na een overstroming
- 1839: begin van de Tanzimat-hervormingen
- 1908: de Hejaz-spoorlijn bereikt Medina
- 1922: afschaffing van het sultanaat
- 1924: afschaffing van het kalifaat
Meer lezen over het Ottomaanse Rijk
Wie zich verder wil verdiepen, heeft de keus tussen algemene geschiedenissen en boeken die zich op een periode of persoon richten.
- Ottomaanse geschiedenis behandelt de belangrijkste gebeurtenissen en de morele lessen uit de Ottomaanse tijd op een toegankelijke manier, en is daardoor ook geschikt voor jongeren.
- Geschiedenis van de Islam plaatst de Ottomanen in het bredere verhaal, vanaf de tijd van de Profeet ﷺ.
- Voor een uitgebreide, academische geschiedenis van het rijk in het Nederlands is De Ottomanen van historicus Marc David Baer (2023) een recente uitgave.
Meer boeken over de islamitische geschiedenis vind je in de collectie Islamitische geschiedenis. Lees je Turks, dan staan in de collectie Tarih, Siyaset ve Toplum titels over de Ottomaanse tijd en de geschiedenis van Jeruzalem en Palestina.
Wie vandaag door Istanbul loopt of in Medina bidt, staat nog altijd tussen de sporen van dit rijk. Dat maakt de Ottomaanse geschiedenis voor veel moslims niet alleen iets van vroeger, maar ook een deel van hun eigen verhaal.